... Over Sander

Ik kan het nauwelijks beter over mezelf hebben, dan dat Mark van Bergen schreef voor Peper Online...
Het zegt alles wel. Meer informatie... Neem contact met me op...


Een Kamerzetel voor de housegedachte...

Een pleidooi voor liefde en respect is nooit weg, natuurlijk. Maar lijkt in deze tijd van verdeeldheid haast als geroepen te komen. Toch legde Sander van der Sluis met zijn Eindhovense party-organisatie Extrema begin jaren negentig al de kiem voor zijn verse politieke partij Het Zeteltje. Het doel is verpakt in de naam: een plek in de Tweede Kamer.

TEKST: Mark van Bergen - FOTOGRAFIE: Chris van Cromvoirt

Sommige dromen van Sander van der Sluis zullen wel altijd dromen blijven. Bijvoorbeeld: het goud in de Nederlandsche Bank omsmelten, aan de gevel plakken en daarmee symbolisch de wereldlijke armoede aanpakken. Maar met iets minder neemt de oprichter van Het Zeteltje ook genoegen, als deze verse politieke partij althans in 2007 zijn naam eer aandoet en tenminste één zetel in de Tweede Kamer scoort.

Het doel: een golf van menselijkheid door de maatschappij laten gaan. En dat kan volgens hem ook via wetten worden bereikt. Zoals het instellen van een correctietax in de koopkrachtgroei. “Om die nu eens echt evenredig over de mensen te verdelen.” Ook van de sociale stage voor jongeren is Het Zeteltje een groot voorstander. Mits op maat gesneden, dan. “Je moet ze niet wekenlang bejaarden laten wassen, maar ze iets laten doen waar ze wat mee hebben.”

Goed nieuws, de komst van Het Zeteltje? Op papier wel. De partij streeft immers het ‘goede’ voor ieder levend wezen na. “We vertrekken vanuit de moraal”, aldus Van der Sluis. “Helaas staat het nog steeds verkeerd in het woordenboek, als een christelijke waarde. In feite staat het gewoon voor menselijkheid.” ’Mens zijn. Rust, nadenken, weten en alleen handelen als het goed is, voor zoveel mogelijk mensen’, zo staat het uitgewerkt in het programma. “En voor dieren, ook. Ik snap dat we vlees eten, maar zeven keer per week? En het kopen onder de kostprijs? Daarmee toon je geen respect voor deze wezens.”

Zoals het nu gaat, is het in ieder geval allesbehalve goed, meent Van der Sluis. “Vooral door de regeringspartijen CDA en VVD zie ik in Ne-derland steeds meer Amerikaanse toestanden. Beslissingen die in de waan van de dag worden genomen; op basis van hypes en niet op basis van draagvlak in de samenleving. Neem de aanpak van bolletjesslikkers, of de bouw van Vinex-wijken. Dat komt doordat de verhoudingen in deze maatschappij niet goed liggen. De armen houden we arm en de rijken worden alleen maar rijker. Ik wil dit blootleggen en er iets goeds tegenover stellen.”

Maar is Van der Sluis niet bang om te verdrinken in al te veel meningen? Wat is bijvoorbeeld ’menselijk’, en wat ’goed’? “De moraal wordt inderdaad heel breed opgevat, maar erbinnen bestaat een kern waarover volgens mij - en met mij vele filosofen - niet te twijfelen valt. Liefde en respect horen daar in ieder geval in thuis. Het besef dat er geen ’wij’ en ‘zij’ bestaan, maar alleen maar ’wij’.”

Geen nieuwe overtuiging voor Van der Sluis. Hij heeft er een verleden mee, als mede-eigenaar van Extrema. Veel mensen kennen hem wel van de dancefeesten van deze Eindhovense party-organisatie. Lang, slungelig lijf, dreadlocks, klein brilletje met daaronder een sjekkie of soms een joint - Van der Sluis is, zoals hij zelf zegt, al jaren ’die hippie’ die ronddoolt op dansvloeren. Zelden backstage in de ’scene’, vrijwel altijd tussen de mensen - niet dansend maar pratend.

Dertien jaar geleden richtte hij Extrema samen met zijn hartsvriend Marcel Mingers op in Limburg, waar hij opgroeide. Het duo vormde een spil in de Nederlandse house revolutie. Een muzikale revolutie op de eerste plaats, maar daarin was Van der Sluis niet het meeste geïnteresseerd. Het was de sociale gedachte van de stroming - meestal gevat in termen van ’liefde en respect’ - die hem het ’nieuwe’ feestgedruis in zoog.

“Ik ben altijd al maatschappelijk betrokken geweest, maar in housefeesten zag ik dé mogelijkheid om mijn idealen te verwezenlijken: mensen letterlijk en figuurlijk bij elkaar brengen. Door de muziek gingen hun hartjes open. Je stopte er liefde en saamhorigheid in en ze gingen een stukje beter naar huis. Daar kwamen ook drugs bij kijken, maar ik heb nooit geloofd dat die aan de basis van dat gevoel lagen. Hooguit waren het versterkers.”

Maar al na een paar jaar bekoelde zijn euforie. “Ik had mijn ideaal met eigen ogen gezien op de feesten, maar verbeeldde me het ook daarbuiten. Waarom zou je die sfeer niet naar de slager kunnen kopiëren? Het zou toch fantastisch zijn als je daar met zomaar een vreemde een praatje kunt maken? Ik doe dat zelf bijna overal en altijd. Maar mensen schrikken soms alleen maar, als je ze groet.”

Toch was het vooral frustratie over de scene die hem er langzaam van wegleidde. “Toen het grote publiek medio jaren negentig de house had omarmd, ging het daarin alleen nog om ego’s en geld.” Hoewel Extrema tot op de dag van vandaag vasthoudt aan de oorspronkelijke housegedachte, besloot Van der Sluis begin vorig jaar om zich er uit terug te trekken en zich fulltime toe te leggen op het breder uitdragen van de housegedachte. Totdat Mingers zijn aandelen heeft overgekocht, blijft Van der Sluis wel mede-eigenaar.

Nadat Het Zeteltje afgelopen jaar werd opgericht en verder uitgekristalliseerd, moet in 2006 de weg naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2007 worden geplaveid. ‘Weet! Magazine’ wordt gelanceerd (een blad van het eigen wetenschapsbureau), evenals Artmat, een bedrijfje dat gelijkgestemden de mogelijkheid biedt om tegen kostprijs positieve boodschappen op bierviltjes te verspreiden. Daarnaast gaat Het Zeteltje door met het organiseren van passende activiteiten, bijvoorbeeld tijdens de wereldlijke Dag van de Vrede (21 september), filmavonden, sportdagen en natuurlijk dansfeesten.

Vooral met die activiteiten hoopt Van der Sluis nog wat meer dan de huidige kleine tweehonderd leden te winnen. En natuurlijk stemmen voor de Kamerverkiezingen. “Meer leden krijgen is niet echt speerpunt. Wij zitten toch vooral in culturele circuits geworteld, waarin men zich niet zo graag aan een groep bindt. Een struikelblok vind ik eerder de eis voor nieuwe politieke partijen om in alle negentien kiesdistricten van ons land een ondersteuningslijst getekend te krijgen.” Als dat eenmaal geregeld is, maakt Van der Sluis zich geen zorgen meer over het binnenslepen van een Kamerzetel. “Ik vind dat absoluut niet onrealistisch. Iedereen in onze omgeving heeft oren voor ons positieve geluid. Als we nu flink gaan organiseren en communiceren, dan moet het lukken!”